De onregelmatigheidstoeslag (ORT) is voor veel zorgprofessionals het verschil tussen een gemiddeld en een goed maandsalaris. Toch weten weinig mensen precies welk percentage bij welk uur hoort — en of het ook geldt bij uitzendwerk of vakantie.
ORT is een toeslag op je bruto uurloon voor uren buiten de gewone dagvenstertijden. De CAO bepaalt per dagdeel een percentage: avonden en vroege ochtenden liggen het laagst, nachten en feestdagen het hoogst.
Werk je als uitzendkracht, dan geldt de inlenersbeloning: je krijgt dezelfde ORT-percentages als een collega in loondienst bij dezelfde instelling. Staat er geen ORT op je loonstrook terwijl je nachten draaide, dan is dat een fout die je kunt laten corrigeren.
Bij structureel onregelmatig werken telt ORT in de regel door tijdens vakantie-uren, op basis van een gemiddelde over een referentieperiode. Controleer dit op je loonstrook: het verschil loopt over een jaar snel op.
Als zelfstandige krijg je geen ORT. Je uurtarief moet de onaantrekkelijke uren zelf compenseren. Reken daarom bij een vergelijking altijd het bruto uurloon plus ORT, vakantiegeld, eindejaarsuitkering en pensioen af tegen je ZZP-tarief.
De percentages staan in de CAO VVT en lopen op van avonduren naar nachten, weekenden en feestdagen. Kijk voor jouw situatie naar het dagdeel van je dienst en het percentage dat de CAO daaraan koppelt; je werkgever moet dit specificeren op de loonstrook.
Ja. Via de inlenersbeloning gelden dezelfde toeslagen als voor medewerkers in loondienst bij de instelling waar je werkt.
Bij structureel onregelmatige diensten wordt ORT in de regel doorbetaald over vakantie-uren, berekend over een gemiddelde periode. Controleer of dit klopt op je loonstrook.